Categorie archief: Overpeinzingen

Wat te doen?

Geplaatst op

Take the initiative. Go to work, and above all co-operate and don’t hold back on one another or try to gain at the expense of another. Any success in such lopsidedness will be increasingly short-lived. These are the synergetic rules that evolution is employing and trying to make clear to us. They are not man-madelaws. They are the infinitely accommodative laws of the intellectual integrity governing universe.

Buckminster Fuller

Neem initiatief. Ga aan het werk en bovenal werk samen en spaar elkaar niet noch tracht iets te verkrijgen ten koste van een ander. Ieder slagen vanuit een dergelijk eenzijdige houding zal in toenemende mate kort van duur zijn. Dit zijn de Synergetische regels die het evolutionair principe gebruikt en die het ons duidelijk wil maken. Het zijn geen door de mens bedachte wetten. Het zijn de zich oneindig aanpassende wetten van de gewijde heelheid die Universum regeert.

*

Buckminster Fuller (Bucky) (1895-1983) was een groot denker en uitvinder in de 20ste eeuw. Hij beschouwde zichzelf als een uiterst praktisch mens en meende dat wanneer een ontwerp aan de wetten van de Synergie gehoorzaamden zij altijd ten bate van de gehele mensheid zullen zijn en altijd schoonheid in zich dragen. Zijn uitgangspunt was: als je iets doet en je wilt weten wat het is en waarom, begin dan te beschouwen in het Universum. Universum is de alomvattende energie (of samen-energie; synergie) en het alomvattende systeem dat de mogelijkheid in zich draagt voor ons om iets ten uitvoer te brengen. Als het gehoorzaamt aan de wetten van het geheel zal het het geheel ten goede komen, transformeren zelfs. Zo geloofde Bucky in het principe van de roervleugel: een olietanker heeft een roer. Op het roer bevindt zich een voorwerp dat bij beweging de onderdruk veroorzaakt die het geheel in beweging brengt. De onderdruk zuigt aan het schip, en het beweegt.

Zo zuigen wij aan het Universum en brengen het in beweging. Wat te doen? Begin ergens te zuigen aan de realiteit en ga door tot er beweging ontstaat. En doe het samen.

Presentie (2)

Geplaatst op

… Senge et al schrijven over presentie als een ‘laten komen’. Iets toelaten betekent dat je een poort moet hebben waar dit iets naar binnen kan. Die poort noem ik een bereidheid.Daaraan ligt een beslissing ten grondslag om de gebruikelijke grond van je eigen bestaan te verruimen in onbekende richting (eigenlijk rondom). Daarvoor heb je vertrouwen en overgave nodig. Maar eerst kun je angst ontmoeten – bijvoorbeeld in de vorm van onzekerheid, irritatie, afsplitsing, verzet, –

Bij deze fenomenen van vermijding kun je óók present (aanwezig) zijn. Vanuit die presentie kun je dan tot expressie komen, tot vorm. Zo kan hetgeen dat vanuit  de diepte klinkt ook letterlijk gaan klinken in je stem, of in bewegingen van je lichaam.

In zekere zin is er steeds de weg naar binnen, en dan ook de weg naar buiten, naar de vorm. Deze bewegingen kunnen heel hectisch zijn, of schokkerig, of heeeel langzaam. Ademen is een mooie ingang om te voelen hoe deze beweging kan verlopen als zij in balans is, in rust, maar ook (zoals bij astma) gehinderd.

Presentie bij wat komen wil en daaraan dienstbaar te zijn maakt je tot instrument van het Geheel.

Mijn ervaring is dat dit leidt tot een muziek die klinkt als een mobile (de vaak complexe driedimensionele sculpturen, bestaande uit hangende en beweegbare onderdelen. De bewegingen van de onderdelen bepalen de bewegingen van het Geheel en het Geheel geeft haar onderdelen een Plaats, een Ruimte en een Dynamiek… uitgevonden door Alexander Calder zie http://calder.org/).

Present zijn in het werken in het MuziekLab houdt in het gewaarworden dat het ‘ik creëer’ gaandeweg tevoorschijn komt als een ‘ik creëer mee’ en dat dan het ‘ik word gecreëerd’ een verruiming erbij betekent die plotseling doet luisteren naar het Geheel, als in een ruimere dimensie zich uitzingend.

Over Presentie (aanwezigheid)

Geplaatst op

Ik wil hier citeren uit het boek “Presence” van Senge, Scharmer, Jaworski en Flowers (2004) ISBN-13 978-1-85788-355-8.

De aanleiding is het werken binnen het MuziekLab vanuit ‘het grotere dat zich uitdrukt in het kleinere’.

“Voor Goethe was het Geheel iets dynamisch en levends dat voortdurend tot vorm komt in concrete manifestaties. Een deel is op zijn beurt een manifestatie van het geheel in plaats van er slechts een onderdeel van te zijn. Het één bestaat niet zonder het andere. Het Geheel bestaat door zich voortdurend uit te drukken in de delen, en de delen bestaan als belichaming van het Geheel.

De uitvinder Buckminster Fuller was er dol op om zijn hand omhoog te houden en dan aan de mensen te vragen ‘Wat is dit?’ Altijd gaven ze ‘een hand’ ten antwoord. Daarna legde hij uit dat een hand bestaat uit cellen waarvan er voortdurend sterven en  nieuwe ontstaan. Wat durend lijkt blijkt voortdurend te veranderen: de hand is binnen een jaar compleet nieuw. Dus, als we een hand zien -of ons hele lichaam of elk willekeurig levend systeem- als een statisch ‘ding’, dan hebben we het mis. ‘Wat je ziet is niet een hand,’ zei Fuller. ‘Het is een patroon-heelheid (Pattern-Integrity), het vermogen van het Universum om handen te creëren.’

Voor Fuller was deze patroon-heelheid het geheel waarvan elke afzonderlijke hand een concrete manifestatie is. Bioloog Rupert Sheldrake noemt het onderliggende organizerende patroon het vormveld van het organisme. ‘In zelfregulerende systemen, op alle niveau’s van complexiteit,’ zegt Sheldrake, ‘is er een Heelheid die rust in een karakteristiek organizerend veld van dat systeem, het morfogenetische (vormgenererende) veld. Bovendien, zegt Sheldrake, breidt het scheppingsveld van een levend systeem zich in haar omgeving uit en verbindt zodoende die twee. Bijveerbeeld, elke cel bevat identieke DNA-informatie voor het grotere organisme, en toch specialiseren cellen zich als zij uitrijpen – tot oog-, hart-, of niercellen. Dit gebeurt omdat cellen een soort sociale identiteit ontwikkelen afhankelijk van hun onmiddellijke omgeving en wat nodig is voor de gezondheid van het grotere organisme.

…… De sleutel tot diepere niveau’s van leren is dat de grotere levende Gehelen waarvan wij deel uitmaken niet vanuit zichzelf statisch zijn. Zoals alle levende wezens bewaren zij eigenschappen die essentieel zijn voor hun bestaan, en trachten zij tevoorschijn te treden. Als we ons meer bewust worden van het dynamische Geheel dan worden we ons ook meer bewust van wat tevoorschijn komt. Jonas Salk, de uitvinder van het polio-vaccin had het over het aanhaken aan de voortdurend zich ontvouwende ‘dynamisme’ van het universum, en over het ervaren van haar evolutie als ‘een levendig proces dat…. ik kan gidsen door de keuzes die ik maak.’ Hij voelde dat deze vaardigheid het hem mogelijk maakte gebruikelijke inzichten te vermijden en aldus een vaccin te ontwikkelen dat uiteindelijk miljoenen levens zou sparen.

… W. Brian Arthur, econoom aan het Santa Fé Instituut stelde: ‘elke diepe innovatie is gebaseerd op een reis naar binnen, op een tocht naar een diepte waar weten aan de oppervlakte komt. Deze reis naar binnen ligt ten grondslag aan alle scheppingingskracht, in de kunsten, in bedrijven, in wetenschap.

…. Het kernvermogen om je het veld van de toekomst toe te wenden is aanwezigheid. We dachten eerst dat aanwezigheid volledig bewustzijn en gewaarzijn in het Nu inhoudt. Daarna begonnen we aanwezigheid te erkennen als diep luisteren, open zijn voorbij je vooringenomenheden en historische wijzen van begrijpen. We gingen het belang  verstaan van het ‘laten gaan’ van oude identiteiten en de behoefte te beheersen, en van het maken van keuzes om de evolutie van het leven te dienen, zoals Salk zei. Tenslotte gingen we inzien dat al die aspecten van aanwezigheid leiden tot een staat van ‘laten komen’, van onophoudelijk deelnemen in een ruimer veld van verandering.

Deze citaten maken iets duidelijk over die wezenlijke Alles-Niets paradox die ten grondslag ligt aan het koor van Niets. Instrument zijn in het koor is steeds een nederige oefening in aanwezig zijn.

Orde in de klank

Geplaatst op

Leren klank in de tijd te horen en ontdekken van patroon, structuur, of ‘eigenschappen’ van de muziek

Als je tijdens het zingen, spelen of geluid maken in jezelf ‘een stap terug doet’ dan kun je het geheel gaan waarnemen, ook al hoor je niet steeds alles wat er gebeurt. Eigenlijk maak je van je oren, en je aandacht ook een wolk die om het geheel van mensen dat zingt heen is, en een geheel gewaar wordt. Dat kun je oefenen. Ga eens in een stadscentrum, of andere plek waar veel verschillend geluid is dat niet samen bedoeld is te zijn staan. Dan kun je je aandacht verruimen tot een koepel van wel 400-500 meter. Alles wat daarbinnen klinkt kun je horen als een bijdrage aan een compositie die speciaal voor jou wordt gespeeld. Je gaat dan echt heel anders luisteren, en het geluid dat je hoort houdt op afvalgeluid te zijn. Je kunt windgeruis, vogels, motoren, claxons, geroep, telefoons die afgaan…. gaan beluisteren alsof het instrumenten zijn, waar Iets op speelt.

Leren luisteren

Geplaatst op

 Leren luisteren

Een bevriende arts zei me eens dat je luistert met je hele wezen. Hij bedoelde misschien dat hij waarnam dat je als mens lijkt te reageren vanuit een ruimere perceptie dan de klank alleen. Een musicus weet misschien dat de hele klank veel meer is dan wat er daadwerkelijk klinkt. Als musicus leer je luisteren naar dat geheel, en je laat dát klinken uit dit geheel dat op dat moment wil klinken. Ook daar ben je als het ware doorlaatbaar voor het geheel, en filter je wat het moment vraagt voor de klank. Het leren luisteren gaat, zo ervaar ik, veel verder dan het horen. Ik moet echter wel willen luisteren: vaak tref ik mezelf aan in een situatie waarin ik niet bereid ben present te zijn bij wat ik hoor. Daarmee doe ik die werkelijkheid geweld aan, maar vaak kan ik niet anders, omdat ik de liefde niet heb om daar en dan echt te luisteren. Moment na moment al decennia lang leer ik steeds een heel klein beetje beter luisteren. Ik ben met het MuziekLab begonnen omdat ik me realiseer dat ik in dit proces de Ander zo nodig heb.

Muziek is alles dat het geval is

Geplaatst op

“Muziek is alles dat je als zodanig waarneemt” is een quote van 30 jaar geleden die ik me herinner uit de tijd dat ik les gaf aan het Propedeutisch jaar van de Vrije Hogeschool, destijds een avant-garde voor adolescenten die oriëntatie zochten op hun leven. Waarnemen is ook hier het Alfa en Omega van het kunstje. Waarnemen, gewaar zijn, bewustzijn. Materiaal is behalve dat wat klinkt ook dat wat ‘verstaan’ wordt, en wellicht ook de intenties, bewegingen, gevoelens, reactiemogelijkheden, weerstanden, sympathieën. In het werkproces van het MuziekLab doen we veel oefeningen waarmee ik bedoel zing- of speelopdrachten, of reactie- of bewegings-opdrachten. Het is het creëren van situaties die ingang bieden tot waarneming, ieder op een eigen manier. We meten dergelijke waarnemingen en onze reacties daarop vaak af aan onze ervaringswereld, en plaatsen de waarneming in het grotere kader daarvan. Door veel en intensief zulke oefeningen te doen kun je leren los te komen van deze geschiedenis. Het is helemaal niet gezegd dat de uitkomst van dit proces is dat je als MuziekLabber een enorm breed palet aan mogelijkheden, technieken en fantasieën verworven hebt. Dat is zo persoonlijk. Sommigen ontwikkelen een uiterst eenvoudige stijl, anderen een complexe stijl. Alles is mogelijk, afhankelijk ook van interesse, talent en intelligentie. Wat voor ons allen hetzelfde is lijkt me, is het proces van openen, gevoelig worden, keuzemogelijkheden verwerven en het ontwikkelen van bereidheid om de wolk in te gaan. Juan de la Cruz zou misschien zeggen “De Wolk van het Niet-Weten.”

Een eigen positie

Geplaatst op

Verkrijgen van een eigen positie

Een eigen positie wil -denk ik- zoveel zeggen als weten dat je er bent, waar je bent, en dat je aanwezig bent hier en nu.

In relatie, dus daar waar we in contact zijn met anderen of de buitenwereld, zijn we zeer veranderlijk. In zekere zin zou je kunnen zeggen dat we zozeer van plaats veranderen, en van eigenschappen, dat we ons in een wolk, of veld bevinden (denk aan het Oud-Griekse Panta Rhei – Alles stroomt). Ergens. Het is niet verkeerd om jezelf als een wolk te benoemen. Toch voelen we ons een geheel, meestal, en iets dat individu is. Dat is ons construct van een innerlijk adres, omdat we zo’n behoefte hebben aan duidelijkheid en vastigheid. De eigen positie is dus een steeds bewegende stroom. Het is niet makkelijk om jezelf als een stroom of wolk te beschouwen, maar als je wilt improviseren is het wel helpend, want meebewegen met wat is is gemakkelijker als je al in beweging bent. Als je geen gefixeerde positie hebt kun je wel het besef hebben dat je bent, alleen niet waar. Uiteindelijk is de presentie (aanwezig zijn) het enige dat constant kan zijn. Het verkrijgen van een eigen positie is daarmee misschien ook wel het opgeven van de notie een positie te kunnen hebben. In het improviseren, zeker in het begin, kan verwarring ontstaan over wat je nu eigenlijk aan het doen bent. Je zou dat een des-identificatie kunnen noemen, en daarmee begeef je je in ‘het veld’. Dat is een staat die je kunt leren uit te houden, door de onzekerheid heen. Daarna voelt het als ruimte (tenminste bij mijzelf).